Story 10: We vliegen er weer in

Gepubliceerd op 3 februari 2026 om 22:18

Na de kerst en nieuwjaarsdagen vliegen we er weer in  met plannen van behandeling, welke route volgen we?

Hallo beste reisgezelschap,

Laat me eerst starten met iedereen een geweldig 2026 toe te wensen. En vooral: een goede gezondheid. Ik hoop dat we in 2026 nog vele fijne momenten, groot en klein, samen mogen beleven.

Mijn voornemen is alvast om te leven alsof elke dag de laatste kan zijn.

Maar we gaan voor heel veel mogelijke laatste dagen. πŸ˜‰

2 januari 2026.

We starten opnieuw met de grote kuur. De grote kuur betekent: targettherapie én chemo. Ook deze keer in goed gezelschap!

Alle parameters waren weer in orde, hoewel het even schrikken was toen de verpleegster plots zei: "Oei, uw saturatie — de zuurstof in het bloed — is echt niet goed!"

Shit.

Here we go again.

Bloedarmoede schoot er meteen door mijn hoofd.

Tot ze zei: "Oei, foute hand." Ze had net aan die arm de bloeddruk gemeten. Andere hand. En het was direct oké: saturatie 97%.

Oef.

Dan werd het wachten op de resultaten van het bloed, de tijd tikte onverbiddelijk weg en het was duidelijk: onderbemand labo. Met de feestdagen was er alleen de noodzakelijke bemanning van dienst.

Rond de middag ontspint zich op basis van dit gegeven een bijzonder gesprek met de buren.
"Je moet wel lang wachten op de resultaten. Wij gaan vooraf naar de huisarts!"
Nou, ik niet. Hoe meer tussenstops, hoe meer kans dat er iets misgaat. En het is nu met de feestdagen anders gaat het best vlot en ja soms zullen er dringender zaken zijn, meer levensbedreigend dan in een bed liggen wachten op je bloedresultaten terwijl je een fijne babbel hebt met een vriend.

Het gesprek gaat verder. "Waar zit hij bij jou?" "In mijn darmen." "wanneer is je operatie? of is die al geweest?"

En dan komt het moment waarop ik het maar gewoon zeg: "Ze gaan niet opereren. Het is terminaal. Ik krijg palliatieve chemo."

Er valt een ijzige stilte.
Dit hadden ze duidelijk niet verwacht.
Misschien zijn we er ondertussen zo aan gewend geraakt dat veel kankers tegenwoordig te genezen vallen. Of misschien klopte het mentale plaatje gewoon niet.
Die ziet er toch niet doodziek uit.
Ik snap het. Voor mij is het soms ook best verwarrend. Aan de ene kant weet ik dat ik doodziek ben. Aan de andere kant voel ik me goed, buiten de kleinere ongemakken.
Het beeld dat je van iemand met kanker hebt en de werkelijkheid kunnen dus behoorlijk ver uit elkaar liggen.

Ik doorbreek de stilte dan maar met een vraag: "En bij jou?"
"De maag. Ze hebben een groot stuk verwijderd, samen met nog andere dingen."
Ze vertelt verder.
Ze waren eerst wel gestart met chemo, maar bij elke chemo was ze bijna dood geweest. Twee keer zelfs. Ze hadden haar nog net op tijd kunnen terughalen.

Toen was het mijn beurt om heel stil te worden. Allerlei gedachten schieten door mijn hoofd.

Shit... dat kan dus ook.

Ook bij mij?!

En tegelijk: Oeps. En ik daarstraks maar luchtig vertellen aan de arts dat ik eigenlijk nergens last van heb, buiten de tintelingen in mijn vingers.

En zij kon dat dus horen.

De keerzijde is dan weer dat zij wel 70% genezingskans heeft en ik niet.

Tja.

Zo zie je maar, uiteraard ben ik heel blij voor haar.


Later ontspint zich naar aanleiding hiervan nog een boeiend gesprek met de verpleegster.

"Ahhh ja, die kans bestaat!" Zo hebben we ooit een patiënt gehad die bij zijn achtste chemo plots stevig allergisch reageerde en met spoed op intensieve terechtkwam.

Oeps.

Het is vandaag mijn zevende chemo. 

Dus, Roel, niet twijfelen als je me de volgende keer raar ziet doen!
Gewoon op die bel rammen. πŸ˜‰

Maar geen paniek.
Voorlopig nog alles goed!

Later vertelt de verpleegster nog: "Tja, het is inderdaad wel stevig spul dat we injecteren." En dan komt er nog een verhaal dat toch even blijft hangen.
Een patiënt had zijn containerke — de Take-Away — na het loskoppelen op de salontafel gelegd.

Alleen was de container niet helemaal correct gesloten.

Het restantje chemo was op de salontafel gelekt, en had er gewoon een gat in gebrand.

Wooow.

Dat doet je toch even nadenken. Wat voor rotzooi gaat er eigenlijk mijn lichaam in?  Het kwaad bestrijden met iets dat op zichzelf ook behoorlijk straf spul is?
Een mens staat daar toch even bij stil.

Medisch gezien is er dus nog geen verandering en blijft het goede nieuws van 19 december overeind.
En dat is uiteraard het belangrijkste.


Maar op zulke dagen gebeuren er ook andere dingen.

Of beter gezegd: blijkbaar vallen op zulke dagen regelmatig puzzelstukken in elkaar.
Zo houdt één vraag me al enige tijd bezig:
Wat ga ik met mijn dagen doen?
Vrijwilligerswerk of niet? En zo ja: welk?
En, als ik het niet doe: wat dan wel?

Ik wil opnieuw iets doen.
Maar ik wil ook niet zomaar opnieuw in een systeem stappen waarin mijn dagen opnieuw door verplichtingen worden bepaald.
En, gisteren viel het verdict.
Ik ga voorlopig geen vrijwilligerswerk doen. Maar alleen dingen voor mezelf, op mijn eigen tempo, terug mezelf reactiveren.

Geen verplichtingen.
Geen verwachtingen.

Mijn tempo. Mijn keuze.

En gisteren besliste ik dus dat ik de traagheid van de analoge fotografie en het werk in de doka ga gebruiken om opnieuw in actie te komen.
Om mezelf opnieuw te activeren.
Jaren geleden heb ik al eens mogen proeven van de magie van het analoge werk, maar uiteindelijk moest ik ermee stoppen wegens tijdsgebrek.

Awel.

Ik heb nu tijd.

En ik ga opnieuw aansluiten bij de magie van de schoonheid én de traagheid van de analoge fotografie.
Geen haast.
Geen algoritme.
Geen klik, foto, volgende.
Maar kijken.
Wachten.
Ontwikkelen.
Afdrukken.

En zien wat er uiteindelijk uit de doka komt. Dus heb ik me gisteren ingeschreven voor de lessen op donderdagnamiddag.

Een eerste stap.

Niet terug naar het leven van vroeger.

Maar naar een leven waarin ik opnieuw zelf bepaal waar mijn tijd naartoe gaat.

En misschien is dat wel één van de belangrijkste puzzelstukken die op hun plaats zijn gevallen.

Zo, dat was het wel weer voor deze keer. πŸ˜‰

Warme groetjes,

Wim

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.